Donderdag 10 september.

Naar Heobashan. Zeven uur, de wekker loopt af. Alleen zijn wij nog niet zo te porren. We doen ons best maar het duurt allemaal langer dan we dachten. Tegen negen uur gaan we op pad voor de fietstocht naar Heboshan. In Yuangshuo begint het grote zoeken weer. Niemand die het weet of kan of wil zeggen, We kunnen omfietsen langs een route die we al eerder fietsten, of nog beter een gids nemen. Via het VVV komen we op weg alleen waarschuwt de man wel, ”Het is allemaal Dirtroad”. We vinden al snel de goede weg en zijn blij verrast te merken dat het een goede betonweg is. Het fietst dan ook plezierig. Maar als je de Karstbergen te dicht bij elkaar hebt staan gaat de weg die je volgt toch ook mee omhoog en al spoedig zien we dan ook driehoekige bordjes waarvan de helft zwart geschilderd is en waarin een gele pijl omhoog wijst. Er waren er ook waarbij de pijl naar beneden wees maar die waren in de minderheid en kwamen pas veel later. Na een 17 km fietsen komen we bij een driesprong waar we volgens alle kaarten en borden rechtsaf moeten slaan en dat doen we dan ook. 

Waar is het fout gegaan, we weten het niet maar de verharde weg houdt op en gaat over in een onverharde weg met wanstaltige losse keien over het hele pad gestrooid. We gaan van links naar rechts om maar zoveel mogelijk vaste grond onder de banden te houden en zo nu en dan van de fiets omdat het niet meer te betrappen is.      We stoppen nu wel iets vaker, drinken werkelijk liters water en Ice Tea en proberen te blijven eten. Blijven op de kaart naar aanknopingspunten zoeken maar begrijpen, als we de Li-rivier zo’n 400 meter onders ons zien stromen, dat we toch op een verkeerde weg tercht gekomen zijn. Mensen die we vragen blijven echter gewoon zeggen dat we nog steeds door moeten fietsen dus doen we, andere opties waren er ook niet, dat ook maar. Bij weer een twijfelpunt stuurt iemand ons een stukje terug en wijst naar beneden. Daarheen. Rineke voorop en die krijgt ineens een geweldige ontvangst. Voor ons staat een oud krom omaatje met een waaier druk naar ons te zwaaien. Hierheen gebaart ze en roept daarbij het hele erf tot leven. Zelden een hoteleigenaar zo blij gezien als zijn gasten aankwamen. We krijgen een dikke duim omhoog helemaal als hij doorkrijgt waar we vandaan gekomen zijn. Hij laat ons de kamer zien en begint onderwijl te bellen met onze reisagent hier. 

Daarna volgt een stukje telefoon oversteken. Meneer Yi vraagt wat wij nog nodig zijn aan eten en drinken, wij vertellen dat en dan vertelt meneer Yi weer aan de hoteleigenaar wat wij gezegd hebben. We maken nog een klein ommetje door het dorp en gaan dan stil genieten van de rust van dorpje, de boeren die met hun vee thuis komen en de ondergaande zon hier in het Karstgebergte. Er volgt een weldadige stilte over het dorp en zijn wij blij dat we hierheen gekomen zijn. Ineens is het gebeurt met de rust. Er wordt naar ons geroepen en beneden staat de vrouw van de eigenaar al druk met de hand naar de mond te gebaren. Wij rap naar beneden want een beetje eten zijn we onderhand wel aan toe. We krijgen les in de naam van de opgediende gerechten. Fei Ta, roerei, Nong Joh, rundvlees met gember, alleen de naam van de Chinese kool is niet blijven hangen. Terwijl wij bijna klaar zijn stroomt de rest van de familie binnen, de oude overoma, die ons opwachtte en waar we een kopje thee mee gedronken hadden, opa en oma, volgens ons de eigenaren, in ieder geval hun zoon met zijn vrouw en hun twee kinderen. Verder nog twee jongens en een meisje maar hun band liet zich wat moeilijk raden. Allemaal om een grote tafel en toen iedereen zat ging het los. Mensen wat kan zo’n groepje mensen een hoop lawaai produceren. Wij laten hun alleen en gaan naar boven, nagenieten van een geweldige dag.     

Vrijdag 11 september  

Het is half acht als we ons maar weer aantrekken voor de terugreis naar de Giggling Tree. Mevrouw komt vragen wat we lusten en stelt Noodlesoep voor, tenminste ze houdt een pakje met Noodles omhoog en als wij instemmend knikken kijkt zij tevreden. Daarna een graai in de koelkast en er komen 2 eieren tevoorschijn en als wij weer knikken verdwijnt ze in de keuken. Een keuken trouwens waarin alles aanwezig is. In een bijruimte heeft ze 3 grote kookpotten die op hout worden gestookt en die ook de hele tijd in gebruik zijn. Iin de keuken zelf een groot aanrecht met daarbij alle apparatuur die je maar zou willen met zelfs een super afzuigkap. Ook op de tafels staan warmhoudplaatjes dacht ik, maar dat bleken inductie kookplaten te zijn.  We nemen na het ontbijt afscheid van de mensen, met een extra hartelijk woord voor oma die al weer druk in de weer was met een veger om maar niets te missen en gaan weer op pad. Nu even niet infietsen op een mooie betonweg maar door waar we gister mee geeindigd zijn, Dirtroad!  Er is maar 1 weg dus mis rijden kan eigenlijk niet maar we vragen het zo nu en dan toch maar even. Het bleek ook dat we toch nog wat hoger kunnen en we zwoegen ons dan ook maar vrolijk verder. Met een paar korte stops erbij doen we ruim 2 uur over 12 km. Maar na 14 km is het leed voorbij en komen we aan in Pu Tao. Vanwaar we de snelweg nemen naar Yuangshuo, de laatste 5 km is dit touwens een tolweg, een Expresway, maar fietsers hoeven niet te betalen die rijden gewoon door. De weg is trouwens ook niets anders er staan alleen een paar tolpoortjes.  Even na eenen rijden we bij de Giggling Tree het terrein weer op met iets meer dan 40 km op de teller. Nog iets geleerd vandaag? Ja, vooral Jelle moet er aan denken dat hij regelmatig iets van extra energie binnenkrijgt. Gister had hij zijn bidon bijgevuld met Ice Tea en daar kwam dan regelmatig iets van water door maar door de suikers die er toch wel inzaten ging het fietsen gemakkelijker. Vandaag kwam na 3 flessen water het goede gevoel ook ineens weer terug na een flesje Ice Tea. Maar onthouden voor de komende dagen.